Ricottabeignets met Bramensaus en Chocoladezand.

Nagerecht

INGREDIENTEN:

Chocoladezand

80 gr bloem

Theelepel maïzena

80 gr fijne kristalsuiker

60 gr cacaopoeder

70 gr boter, gesmolten

Grof zeezout

 

Ricottabeignets

40  gr poedersuiker

180 gr bloem

Theelepel bakpoeder

750 gr stevige Ricotta

Fijngeraspte schil van 2 grote sinaasappels

Het merg uit 2 vanillestokjes

3  eieren plus 2 extra dooiers

500 ml zonnebloemolie om te frituren

 

Bramensaus

80 gr fijne kristalsuiker

1000 gram verse bramen

(evt. 120 ml gin)

 

Steranijssuiker

4 hele anijssterren, fijngemalen in de vijzel en gezeefd

140 gram fijne kristalsuiker

 

BEREIDING:

1 Verhit de oven tot 160 graden.

2 Begin met het chocoladezand. Doe de bloem, maïzena, suiker en cacao met theelepel zout in een kom. Roer alles door elkaar en roer met een houten lepel geleidelijk de boter erdoor. Vermeng het daarna met de

vingertoppen tot het fijnkruimelig is en strooi dit op een met bakpapier

beklede bakplaat. Bak het deeg 15-20 minuten in de oven, tot het de

consistentie van kruimelig zand heeft. Haal het uit de oven en zet het tot gebruik opzij.

3 Zeef voor de beignets de poedersuiker, bloem en bakpoeder in een grote mengkom. Voeg de ricotta, sinaasappelrasp, vanillemerg en een snuf zout toe en vermeng alles met een houten lepel. Doe de eieren met de eidooiers in een andere kom en klop ze circa 3 minuten met de handmixer. Vouw het eiermengsel door het ricottamengsel en laat het minstens een uur in de koelkast opstijven.

4 Doe de suiker voor de bramensaus met 3 eetlepels water in een kleine pan. Breng het op halfhoog tot hoog vuur aan de kook en roer tot de suiker is opgelost. Laat de suikerstroop afkoelen.

Doe de bramen (houdt 2/3 bramen p.p. apart voor decoratie) in een blender en pureer ze glad. Wrijf de puree door een fijnmazige zeef om de pitjes te verwijderen en giet hem in een kom. Giet de siroop en de gin erover en roer alles door elkaar. Zet de saus minstens 1 uur - hij moet heel koud worden – in de koelkast.

5 Doe de suiker in een kom. Zeef de gemalen steranijs eroverheen.

Zet opzij.

6 Verhit de oven op 220 graden voor het evt. nagaren van de beignets.

7 Giet de zonnebloemolie in een hoge pan en zet deze op halfhoog tot hoog vuur. Als de olie heet is, vorm met een opscheplepel en een gewone lepel beignets van 50 gr. en laat ze in de olie glijden. Frituur ze in porties van vier stuks, maak de pan niet te vol en draai de beignets voortdurend tot ze goudbruin zijn. Schep ze met een schuimspaan uit de olie en leg alle beignets op een met bakpapier beklede bakplaat. Zet ze vlak voor het opdienen een paar minuten in de oven. Bestrooi ze voor het opdienen rijkelijk met het steranijsmengsel.

 

OPMAAK BORD:

Verdeel de bramensaus over ruime diepe borden. Leg de hete beignets in de bramensaus, bestrooi elk bord met chocoladezand en garneer met de achtergehouden bramen. Serveer onmiddellijk.